Menu Sluit menu
< terug naar succesverhalen

Vrouwen, water en wetenschap: citizen science in Tanzania

In veel huishoudens in Tanzania zijn vrouwen en kinderen verantwoordelijk voor het water: ze halen het, bewaren het en zorgen ervoor dat het veilig gebruikt kan worden. Maar hun kennis en betrokkenheid worden vaak over het hoofd gezien. Het project Women Water Watch wil daar verandering in brengen door vrouwen actief te betrekken bij citizen science rond waterkwaliteit. We spraken met Sara Dewachter en Nathalie Holvoet van het Instituut voor Ontwikkelingsbeleid (Universiteit Antwerpen), die het project samen met de Tanzanian Aqua-Farms Organization opzetten.

Women Water Watch
(c) Women Water Watch

Hoe is het project Women Water Watch ontstaan?

Sara Dewachter: ‘Women Water Watch is een follow-up van het Fuatilia Maji-project, een citizen-scienceproject rond water. Daar werkten we met monitors die zowel mannen als vrouwen waren. Van daaruit dachten we aan een project met een specifieke focus op vrouwen.’

Nathalie Holvoet: 'Er kwam op dat moment een call vanuit Europa rond citizen-scienceprojecten. We werkten ervoor meestal met partners in het globale Zuiden, maar we hebben het project toen uitgewerkt, omdat we ook geloven in cross-learning, in uitwisseling tussen het Zuiden en Noorden. Klimaatverandering en waterbeheer zijn mondiale issues, die zich lokaal manifesteren. En er is ook veel ervaring en know how in het Zuiden inzake citizen science.'

Women Water Watch monitors testing a water sample from a public water source in Tanzania. (c) Women Water Watch

Women Water Watch-monitors testen waterstaal van publieke waterbron in Tanzania. (c) Women Water Watch

Wat is het doel van Women Water Watch?

Nathalie Holvoet: ‘Het is een actie-onderzoek waarbij outreach en onderzoek van bij de start verweven zijn. We willen de kwaliteit van het water en het waterbeheer in beeld brengen, bewustwording creëren in de gemeenschap en gedragsverandering stimuleren in het gebruik van water.’

Sara Dewachter: ‘We willen ook linken leggen met de overheid, die zelf vaak geen capaciteit heeft om de waterkwaliteit overal op te volgen. Door informatie over waterkwaliteit bij de verantwoordelijken te brengen, hopen we dat er acties komen om die kwaliteit te verbeteren.’

Het onderzoek benadrukt het belang van vrouwen en kinderen. Vanwaar die focus op deze doelgroepen?

Nathalie Holvoet: ‘Vrouwen en kinderen zijn vaak verantwoordelijk voor het beheer van water op huishoudelijk niveau. Dat is gelinkt aan de taakverdeling: vrouwen zijn in de meeste gevallen verantwoordelijk voor de ‘unpaid care labour’ en het onderhoud van het huishouden.’

Sara Dewachter: ‘Vanuit die verantwoordelijkheid hebben vrouwen ook kennis over waterbeheer, maar die wordt vaak over het hoofd gezien. Ze worden zelden betrokken bij het beleid. Daarom wilden we linken creëren tussen de vrouwelijke monitors en het lokale beleid, met oog op empowerment.’

Vanuit hun verantwoordelijkheid in het huishouden hebben vrouwen veel kennis over waterbeheer, maar die wordt vaak over het hoofd gezien. Ze worden zelden betrokken bij het beleid.

Sara Dewachter

Welke impact hopen jullie te realiseren voor de vrouwen zelf?

Nathalie Holvoet: ‘We hopen impact te hebben op verschillende vlakken: individueel en collectief. Door toegang tot training en kennis verhogen we het menselijk kapitaal, via netwerken bouwen ze aan sociaal kapitaal. Dat kan de self-efficacy versterken en bijdragen aan hun welzijn en inzetbaarheid op de arbeidsmarkt.’

Sara Dewachter: ‘In het Fuatilia Maji-project zagen we dat citizen scientists na afloop aangaven dat ze nieuwe ideeën en technische vaardigheden aanleerden, en presentatievaardigheden versterkten. Bijna 70% voelde zich zelfzekerder, 70% voelde zich meer gerespecteerd door duty bearers en 80% door medeburgers. Er was ook meer interesse in gemeenschapswerk.’

En binnen het Women Water Watch-project, hoe worden vrouwen daarin concreet betrokken?

Sara Dewachter: ‘We starten met een village meeting: wat zijn de problemen rond water? Daarna gebeurt een selectie van vrouwelijke monitors en volgt training.’

Nathalie Holvoet: ‘Ze hebben de meetinstrumenten samen verder op punt gesteld en de monitors voeren zelf de datacollectie uit. Daarna analyseren ze mee de data en helpen ze bij de verspreiding: via een online interactief data portal, maar ook via community meetings, vergaderingen met duty bearers, sms’jes, een posterpresentatie op een conferentie in Dar es Salaam, enzovoort.’

The red flag marks a polluted water source. (c) Women Water Watch

De rode vlag markeert een vervuilde waterbron. (c) Women Water Watch

Jullie zetten ook creatieve middelen in zoals muurschilderingen, vlaggen en radio. Wat is de gedachte daarachter?

Sara Dewachter: ‘We gebruiken verschillende tools om verschillende doelgroepen te bereiken. Radio is belangrijk omdat onderzoek heeft aangetoond dat veel klassieke manieren van communiceren zoals dorpsvergaderingen vaak een blinde vlek hebben. Laagopgeleide vrouwen worden dan niet altijd voldoende bereikt.’

Nathalie Holvoet: 'Door in te zetten op een mix, bijvoorbeeld radio, vlaggen naast de waterbron, posters, of zelfs een megafoon op een brommer, verkleinen we de kans op uitsluiting. Bij kinderen gebruikten we een liedje, pancartes, tekeningen, een spel… We onderzochten ook welke tools hen het meest aanspraken.’

Ook kinderen worden nauw betrokken bij jullie project. Hoe bereiken jullie hen?

Nathalie Holvoet: ‘Tijdens schoolbezoeken organiseerden we tekenopdrachten, presentaties, een spel, en een ‘water warrior’-moment met water testing. Kinderen testten het water dat ze zelf drinken en verdeelden de taken zoals notuleren en stalen nemen.’

Sara Dewachter: ‘Ze gaven aan dat ze het spel, de watertest en de water warrior-badge het leukst vonden, ze gaven het een 4,8 op 5. Ze zeiden ook dat ze daar meer uit leerden dan uit de presentatie.’

Young people learning about water quality. (c) Women Water Watch

Jongeren leren over waterkwaliteit. (c) Women Water Watch

De burgerbetrokkenheid in jullie project is groot. Hoe zorgen jullie ervoor dat beleidsmakers dan ook effectief met de data aan de slag gaan?

Nathalie Holvoet: ‘We organiseren meetings met lokale overheden en universiteiten. Er zijn sms-updates, papieren rapporten, en een open data-portaal. De data kunnen tot op dorpsniveau uitgesplitst worden.’

Sara Dewachter: ‘We stemmen de indicatoren af op de noden van de beleidsmakers. Het gebruik wordt wel getrackt, maar blijft helaas vaak beperkt tot een conceptueel niveau, vooral door een gebrek aan middelen.’

Wat zijn de belangrijkste lessen die jullie meenemen?

Sara Dewachter: ‘Citizen science kan werken, zeker in termen van kostenefficiëntie, terugkoppeling naar de gemeenschap, skills en awareness. Maar structurele verankering en financiering blijven vaak beperkt.’

Nathalie Holvoet: ‘In België blijft citizen science vaak beperkt tot dataverzameling. In het Zuiden zie je kleinere projecten met intensere participatie. We moeten meer leren van verschillende contexten. Ook voor universiteiten zijn er lessen: citizen science wordt nog te weinig gebruikt, financieringsinstrumenten zijn niet altijd aangepast, maar het is een goede manier om de band met de samenleving aan te halen.’

In België blijft citizen science vaak beperkt tot dataverzameling. In het Zuiden zie je kleinere projecten met intensere participatie.

Nathalie Holvoet
Female water monitors playing the WWW board game. (c) Women Water Watch

Vrouwelijke watermonitors spelen het WWW-gezelschapsspel. (c) Women Water Watch

Hoe ziet de toekomst van het project eruit?

Nathalie Holvoet: ‘We zijn momenteel nog bezig met het afronden van het onderzoek. De financiering is afgelopen, maar we hebben de vrouwengroepen wel geconnecteerd met de duty bearers en een opfrissingsvideo gemaakt waarmee ze opnieuw kunnen meten.’

Sara Dewachter: ‘In Fuatilia Maji hebben we het project geïntegreerd in een universitair masterprogramma en in samenwerking met de overheid. Daar blijft het programma lopen en breiden we elk jaar uit. Een meer structurele inbedding van citizen science in universiteiten en overheden, met aangepaste financieringsmodaliteiten, zou heel nuttig zijn.’

page-square2--black Created with Sketch.